Door op een foto te klikken krijgt u een vergrote weergave. De foto, vooral de scherpte, is dan echt van veel betere kwaliteit.

Op mijn beelden rust copyright (© advanduren) en ze mogen niet voor andere doeleinden worden gebruikt dan waarvoor mijn schriftelijke toestemming is verleend.

donderdag 18 juni 2026

Bos- en tuinvogels

In mijn vorige blog heb ik een aantal bosvogels laten zien, vandaag een vervolg daarop met een aantal soorten die ik in hetzelfde gebiedje aan de rand van de Groote Peel kon fotograferen, maar ook op enkele andere plekken waar ik regelmatig kom en die ik als mijn local patches beschouw. Het zijn zeker geen zeldzaamheden, dat kan ook niet altijd, ik weet ongeveer wat ik in die gebieden kan verwachten, maar ik vind het steeds meer een uitdaging om van de wat meer voorkomende soorten leuke foto's te maken. We hoeven gelukkig met allerlei zeldzaamheden niet ons brood te verdienen.

Veel kijkgenoegen weer en dank nog voor de fijne reacties op mijn vorige serie bosvogels. (klik hier)  

Groeten Ad


Op onze tochtjes in het grensgebied van Nederland en Belgiƫ komen we langs een watermolen met een heerlijk buitenterras. We mogen daar graag een (Belgisch) speciaalbiertje drinken. Genietend daarvan hoorde ik al meteen een winterkoning uit volle borst zingen. Ik ben snel naar de auto terug gerend om mijn camera te halen. Ik kon een leuke serie schieten en het biertje smaakte daarna extra lekker.


De gekraagde roodstaart is een echte bosbewoner. Vanaf een zandpad in het bos zag ik vanuit de auto dit mannetje zitten. Omdat ze waarschijnlijk een nest in de buurt hadden (het vrouwtje heb ik niet gezien) heb ik van een behoorlijke afstand vanuit de auto een aantal foto's gemaakt.


Het nest bevindt zich overigens niet in het gat in deze berk, waarschijnlijk ooit uitgehakt en bewoond door een specht, maar op dit moment onbewoond.


Gekraagde roodstaart mannetje.


Gekraagde roodstaart mannetje.


In onze tuinvijver (ook een local patch) was deze mannetjesmerel lekker aan het badderen tussen de dotters.


Een zanglijster op de uitkijk in de Groote Peel.


Terug naar de openingsfoto, ik was gelukkig op tijd terug met m'n camera. Ik kon de winterkoning tussen de vegetatie door fotograferen. Mooi, maar als hij nou ook nog eens wilde gaan zingen.


Van dat zingen was nog geen sprake, hij hield me voortdurend in de gaten, maar dat gaf mij wel de kans om zodanig positie te kiezen dat hij, tussen de vegetatie, op de goede plek zat precies voor de lichtcirkel in de achtergrond. En nu maar hopen dat hij zou gaan zingen.


En dat gebeurde ook, wel nog een beetje afgewend van de fotograaf en de camera.


Voorzichtig draaide hij zich wat om, dat begon erop te lijken.


Maar al gauw verloor hij zijn schuwheid, draaide zich om en gaf vol trots zijn beste liedje ten gehore.


Een fractie van een seconde kon ik de foto maken die ik in mijn gedachte had, een uit volle borst zingende winterkoning die mijn kant op kijkt, met z'n staartje omhoog, een lichtje in het oog en  gefotografeerd tussen de vegetatie door.



Onderweg zag ik op een akker deze haas rennen.



Een eind verderop ging hij op een bed zitten. Ik heb de auto gekeerd en ben er voorzichtig naar toe gereden tot ik deze foto kon maken met de diagonale lijnen van de zandbedden.



Op een bramenstruik gaf deze geelgors zijn vijfde symfonie van Beethoven te gehore.



Een leukere foto kon ik maken toen hij zingend naar boven keek alsof hij iets of iemand wilde aanroepen. Doordat de zon even verstek liet gaan kreeg ik een heel andere lichtinval.



Nog even terug naar de gekraagde roodstaart, die na een poos wegvloog.



Om even later weer op een andere tak te gaan zitten.



Ik vond de tonderzwammen op de dode berkenstam wel een leuke toevoeging.



In een takkenwirwar zat dit mannetje grauwe klauwier op z'n gemak te zingen. Dat liedje stelt overigens niet veel voor.



Verderop vond ik deze kleurschakeringen in het landschap, aanvankelijk dacht ik aan spinselmot, maar het bleek toch witte bloesem te zijn.



Op flinke afstand zat een mannetje roodborsttapuit in een dode struik.



Mannetje roodborsttapuit.



Nadat de winterkoning was weggevlogen keerde hij kort daarna op een andere tak weer terug.



Ook hier had ik mooi licht en kon ik tussen de takken door fotograferen.



En al gauw voelde het blijkbaar weer vertrouwd en begon hij volop te zingen.



Onvoorstelbaar wat een geluid zo'n klein vogeltje kan produceren.



Met vol geopende snavel, een klein stukje van z'n tong is nog zichtbaar.



Tenslotte zagen we nog een torenvalk op de uitkijk zitten.



Toen die even later opvloog om te gaan jagen kon ik nog een aantal vluchtfoto's maken, waarbij het licht mooi door de staart- en vleugelveren scheen.

Slotwoord: Op dit moment zitten de meeste vogels te broeden of hebben zelfs het broedseizoen er al weer opzitten. Jammer, spoedig zullen de eerste trekvogels alweer aanstalten maken om te vertrekken. Dit biedt echter weer nieuwe kansen, benieuwd wat we de komende tijd nog gaan zien. Een keuze voor het volgende blog heb ik nog niet gemaakt, we zien wel, maar zeker wil ik komende tijd besteden aan het fotograferen van libellen. Tot de volgende keer.

zondag 31 mei 2026

Bosvogels

Zoals gezegd besteed ik in dit blog aandacht aan enkele soorten bosvogels. Deze omschrijving moet niet helemaal letterlijk worden genomen, enkele soorten komen ook voor op de heide en/of in weidegebieden, maar vaak is de rand van het bos dan niet ver weg. Deze foto's maakte ik deze maand en zijn slechts een gedeelte van wat ik zag, de rest moet ik nog bewerken en omdat het me nu eindelijk eens lukt om niet zo'n lang blog te maken laat ik deze alvast zien. De rest volgt spoedig. De foto's zijn allemaal gemaakt in het gebiedje de Anselberg aan de rand van de Groote Peel. 

Veel kijkgenoegen en bedank nog voor jullie leuke reacties op mijn vorige blog over de zwarte sterns (klik hier) Van die sessie moet ik de purperreigers overigens ook nog bewerken.

Groeten Ad


De grauwe klauwier als openingsfoto, die kan in de maand mei niet uitblijven. Ik vind het een prachtige vogel die ik al meer dan 15 jaar volg aan de randen van de Groote Peel. Elk jaar is het weer spannend of hij terug zal komen en of ik hem weer kan vinden want ze variĆ«ren nogal eens van plek waar ze gaan nestelen en rond die plek blijven ze de hele periode dat ze hier zijn hangen. 


De (Vlaamse) gaai komt hier best veel voor, maar toch krijg je hem niet zo vaak te zien, hij is erg schuw. Hier kon ik hem van een behoorlijke afstand fotograferen. Ik het gebied is een bosopstand met veel dode bomen en op de grond liggende takkenhopen waartussen verschillende vogelsoorten zich graag ophouden.


Ook de zanglijster laat zich regelmatig horen en zien, alhoewel dat laatste soms tegenvalt, in de vrije natuur is het vaak lastig om goede composities te maken, de vogels houden zich op tussen de takken en meestal krijg je maar een glimp van ze te zien en dan moet je vlug zijn en ook nog de instelklingen van je camera goed hebben staan. Een lichtje in het oog zou welkom geweest zijn, maar dat heb je, zeker tussen de takken, niet voor het zeggen.


In een van de dode bomen zat een roodborsttapuit volop te zingen.


Het was half mei en blijkbaar hadden ze al uitgevlogen jongen.


Jonge roodborsttapuit, kort staartje nog, bruin gespikkeld zoals ook een jonge roodborst en merel en de nog lichte snavelbasis die voor de oudervogels de plek wijst waar het voer in moet.


Hoog in de lucht vloog een buizerd over, daar heeft dit tapuitje niet veel van te vrezen.


Op een akkertje scharrelde deze witte kwikstaart rond.


Witte kwikstaart, vreemd genoeg vormt die zwarte akker toch een goede schutkleur voor de vogel.


Op het puntje van een dode tak zat deze fitis helemaal vrij.


Ze houden zich graag schuil tussen de bladeren, ik maakte het nog niet gauw mee dat een fitis zo vrij zat.


En toen ging hij ook nog zitten zingen, voor mij leverde dat meteen het bewijs op dat ik met een fitis te maken had en niet een tjiftjaf.


Aanvankelijk vond ik dit vrouwtje grauwe klauwier, mooi zittend in een driehoek van takken. Half mei, ik denk dat ze net terug waren van hun winterkwartier en vermoedelijk waren ze nog niet met de nestbouw begonnen.


Het mannetje met z'n zorromasker zat een stukje verderop tussen de dode takken, niet voor de mooiste compositie natuurlijk, maar hij zat in elk geval vrij en bovendien heb je dat niet voor het zeggen.


Ik benaderde hem heel rustig en hij bleef lekker op z'n gemak zitten getuige ook de doorgezakte poten. Zolang dat het geval is verstoor je niet, maar je moet ook zeker niet tot het uiterste gaan en je op tijd terugtrekken. Dat is ook een kwestie van aanvoelen en goed op het gedrag van de vogel letten. En dat is nou net wat ik de laatste tijd veel mis bij natuurfotografen, ze willen wel plaatjes schieten, maar hebben totaal geen kennis van de natuur. En ze brengen daardoor goed bedoelende natuurfotografen in diskrediet. Ik vind kennis van de natuur een essentieel onderdeel van de natuurfotografie.


Verderop in het gebied vond ik nog een ander mannetje grauwe klauwier. Ik vond het spinnenweb onder aan de tak wel een leuke toevoeging.


Een mannetje merel had zitten badderen en verschool zich tussen de bladeren. Een merel wordt gezien als een tuinvogel, maar is oorspronkelijk een echte bosvogel.


Lastig zo tussen de takken om een aansprekende compositie te maken, ik vond het zo wel iets geheimzinnigs hebben.


Even daarna begon hij zich droog te poetsen

Slotwoord: Eindelijk is het me dan eens gelukt om een wat korter blog te maken, een stuk minder werk ook. Volgende keer het vervolg op de serie bosvogels met o.a de gekraagde roodstaart.