Door op een foto te klikken krijgt u een vergrote weergave. De foto, vooral de scherpte, is dan echt van veel betere kwaliteit.

Op mijn beelden rust copyright (© advanduren) en ze mogen niet voor andere doeleinden worden gebruikt dan waarvoor mijn schriftelijke toestemming is verleend.

donderdag 30 april 2026

Local patches

Er zijn zo een aantal natuurgebieden waar je regelmatig terugkomt, vaak ingegeven door de ervaringen en ontmoetingen die je daar eerder hebt gehad. Meestal zijn dat gebieden die niet te ver van huis liggen en waar je met de besteding van enkele uurtjes al een redelijke kans maakt op succes. Het meest voor de hand liggend is natuurlijk je eigen achtertuin als meest dichtbije locatie, maar voor mij is dat b.v. ook Texel, het Lauwersmeergebied en de Zeeuwse delta als we daar op vakantie zijn. Maar in mijn directe omgeving liggen ook enkele van die gebieden op slechts enkele tientallen km's afstand waar ik graag enkele uurtjes mag vertoeven. Dit zijn b.v. de Groote Peel met zijn randgebieden, de Strabrechtse Heide en ook enkele natuurpareltjes op de grens van Nederland en Belgiƫ en de rand van Brabant en Limburg.

Over enkele van die laatste gebiedjes gaat dit blog. Zoals ik in mijn vorige blog aangaf gaat het niet echt om spectaculaire soorten op een enkeling na, maar dat kan ook niet altijd. Ik probeer dan altijd wel om de soort zo mooi mogelijk vast te leggen en daarbij iets van het gedrag, habitat of vlucht mee te nemen, onder de noemer: beter een goede foto van een "gewone" soort dan een flutfoto van een bijzondere of zeldzame soort.

In tegenstelling tot wat ik in het slotwoord van het vorige blog over de witte en zwarte ooievaars (klik hier) aangaf, is het me wederom niet gelukt om het blog wat kort te houden. Veel kijkgenoegen.

Groeten, Ad


Ik vind lepelaars prachtige en vooral sierlijke vogels, maar het is bij het fotograferen nog best lastig om het wit onder controle te houden zodat het niet uitbijt.


Ze verblijven en broeden op een eiland in deze plas, maar komen regelmatig naar de rand gevlogen om te foerageren of nestmateriaal te verzamelen.


Ik fotografeerde hem hier net voor de landing.


Deze roodborst zat wat rond te kijken, niet bijzonder, maar ik vond de kleur van de achtergrond, de paal en de roodborst wel aardig, ton sur ton.


Krakeenden zijn tegenwoordig heel algemeen, hier het mannetje en het vrouwtje gemoedelijk als koppeltje bij elkaar.


Maar het kan heel anders, als een ander mannetje te dichtbij komt bijt het vrouwtje flink van zich af.


En uiteraard is de vrouw ook hier (terecht) de bovenliggende partij.


Op zich is een knobbelzwaan al een prachtige, sierlijke vogel waarbij je evenals bij de lepelaars moet oppassen met het wit, voor je het weet is het uitgebeten.


Maar hij wordt nog sierlijker als hij zijn vleugels uitslaat.


Maar ook imponerend als hij met die vleugels begint te klapperen.


Ze bereiken met die vleugels een flinke spanwijdte van wel 2,40 mtr. en hij doet daarbij nauwelijks onder voor een zeearend.


Het gezegde luidt zo trots als een pauw, maar deze knobbelzwaan kan er ook wat van.


Hier trekt hij z'n vleugels weer in en hier ze je pas hoe ontzettend complex die vleugelstructuur is.


In de bosjes op de oever zat dit kleurige vinkenmannetje, ik fotografeerde hem tussen de takken door. 


Tussen de oevervegetatie scharrelde een paartje wilde eenden.


En in de lucht joegen een drietal mannetjes soortgenoten achter een vrouwtje aan.


Over het water kwam een grote zilverreiger, nog in winterkleed, aangevlogen.


Om te landen op een grote tak die in het water lag. Ook bij deze soort moet je goed opletten dat je de belichting goed onder controle houdt.


En ook bij deze vogel zie je hoe mooi de verenstructuur van de vleugel is.


In een recent heringericht natuurgebied op de Nederlands/Belgische grens lopen een aantal taurossen om het gebied te begrazen.


Het is een oerrund dat zomer en winter buiten kan verblijven.


Ze zijn er in diverse kleurslagen, ook in combinatie met elkaar.


Terug naar het andere ven waar deze blauwe reiger overvloog.


Blauwe reiger.



Futen zijn er altijd wel te vinden, hier z'n veren poetsend.



Dat ene foute veertje zat net wat dieper.



En ook die kopveren moeten gepoetst worden, valt niet mee met die grote gelobde poten.



Plotseling vloog er een visarend over.



Dat zijn natuurlijk de krenten in de pap die je niet wilt missen, ook al vloog hij dan wat ver weg.



Een andere knobbelzwaan strekte nog even z'n vleugels uit.



De grauwe gans is daar blijkbaar niet van onder de indruk.



Deze meerkoet vindt het ook allemaal wel prima. In tegenstelling tot het uitbijten van het wit bij de voorgaande soorten moet je bij de meerkoet uitkijken dat het zwart niet helemaal dichtloopt.



In de verte kwam weer een lepelaar aanvliegen.



Gauw scherpstellen om nog wat leuke vliegbeelden te maken.



Wat een schoonheid zo'n volwassen vogel.



Vliegende lepelaar.



Tenslotte nog deze laatste foto waarbij hij als een engel in zijn vleugels hangt.

Slotwoord: Volgende keer waarschijnlijk foto's van de zwarte stern en de purperreiger die ik vorig jaar maakte tijdens een tochtje naar de Zouweboezem. Ik moet die foto's nog bewerken dus het volgende blog kan nog wel even op zich laten wachten. Tot dan.

vrijdag 17 april 2026

Black & White

De titel doet vermoeden dat ik in dit blog alleen zwart-wit beelden heb opgenomen, maar het tegendeel is waar. De witte ooievaar wordt in de vogelwereld aangeduid als ooievaar, terwijl er toch ook een zwarte variant bestaat. De naam witte ooievaar zou daarom beter gekozen zijn, vind ik. De witte ooievaar is in Nederland vrij algemeen, zeker na de herintroductie via het ooievaarsdorp het Liesvelt in de Alblasserwaard, enkele decennia geleden. De witte ooievaar is in principe een trekvogel, maar door de klimaatverandering blijven steeds meer ooievaars in de winter in Nederland. 

De zwarte ooievaar is veel minder algemeen en ietwat kleiner dan zijn witte soortgenoot. In Nederland zie je hem niet vaak en overal waar hij voorkomt is hij zeldzaam. Hij leeft overwegend in dichte oude bossen en grote moerassen waar hij een zwijgzaam leven lijdt, want klepperen zoals een witte ooievaar doet hij niet. Vaak zag ik hem in natuurdocumentaires op tv en dacht toen al dat het toch mooi zou zijn om die eens te kunnen fotograferen. Dat laatste werd werkelijkheid toen in de nazomer van vorig jaar een groep zelfs met jongen was neergestreken in een natuurgebied op een km. of 30 van mijn huis. Dit gebied bezoek ik regelmatig en heeft mij, behoudens deze zwarte ooievaars, al heel wat moois opgeleverd zoals b.v. de grote karekiet, de visarend en de koereiger.

Op de bewuste middag begin september was daar slechts een mede-fotograaf, vreemd eigenlijk, je zou toch denken dat er massa's fotografen afkomen op zulke zeldzame vogels. Enfin, ik maakte er een hele serie waarvan dit slechts een kleine selectie is, het merendeel heb ik nog niet eens bewerkt. Veel kijkgenoegen en bedankt nog voor jullie leuke reacties op mijn vorige blog over de "Bruine kikkers" (klik hier)

Groeten, Ad


Een witte en een juveniele zwarte ooievaar samen in de plas.


Aanvankelijk zag ik alleen een groep witte (ik noem ze in het vervolg voor het gemak) ooievaars.


Totdat ik plotseling voor het groepje uit een zwarte ooievaar zag lopen, het bleek een juveniel exemplaar te zijn.


Toen ik goed keek bleek er ook een adulte vogel te zijn. 


De jonge vogels zijn herkenbaar aan hun geel-oranje poten en snavels die bij de volwassen vogels diep rood gekleurd zijn. Het verendek is overwegend bruinachtig terwijl dat bij volwassen vogels zwart is met iriserend groen/paars als het licht er onder een bepaalde hoek op valt.


De twee soorten trokken gezamenlijk op, ze hebben ook dezelfde prooien op het menu staan, kikkers, kikkervisjes, salamanders enz.


Black en white, beiden geringd.


De ooievaars waren regelmatig met elkaar aan het dollen, jammer genoeg strekten ze daarbij niet hun vleugels.


Tussen de ooievaars en de zwarte ooievaars was verder weinig interactie, ze gedogen elkaar blijkbaar in hetzelfde voedselgebied.


De groep zwarte ooievaars bestond uit een volwassen vogel met drie jongen. Die kreeg ik echter geen enkele keer gezamenlijk in beeld.


Hier lijkt de zwarte ooievaar zich af te vragen wat staat hij daar nou te doen.



De zwarte ooievaar stapt parmantig tussen zijn witte soortgenoten door.



Black en white.


Een volwassen en jonge zwarte ooievaar bezig met het onderhoud van het verenkleed.


Volwassen en jonge zwarte ooievaar terwijl links nog een vrouwtje wilde eend aan het grondelen is.


Drie soorten in een beeld gevangen.


Op een gegeven moment toonde een van de juveniele zwarte ooievaars wat activiteiten. Je hoopt dan altijd op wat bijzonder gedrag.


Het bleef bij dit vleugel geklapper, maar daar was ik toch blij mee, het geeft net even een wat ander beeld.


Veelal stonden beide soorten maar wat in hun veren ineen gedoken.


Foeragerende ooievaar.


Rusten en poetsen, bij beide soorten zijn hier wel goed de dikke kropveren te zien.


Met name de zwarte ooievaars kunnen daar met gemak hun hele, lange snavel in verbergen.


Tijd om maar weer eens wat eten te gaan zoeken.


Of toch maar weer verenonderhoud.


Een stukje verderop waren drie ooievaars aan het foerageren.


Terwijl deze twee wat stonden te suffen.


Volwassen en jonge zwarte ooievaar, hier is goed te zien hoe het jong zijn hele snavel in die mooie gespikkelde kropveren verstopt.


Ik vind het beide prachtige vogels, vooral als je op de details let.


Ik had het geluk dat de kleurige wilde plantengroei op de achtergrond ook wel lekker meewerkte, wel druk, maar toch.


Foeragerende ooievaar.


Zoals je ziet konden beide soorten het goed met elkaar vinden.


Tot slot van dit lange blog nog een foto waarbij ik in de achtergrond van de ooievaars nog twee watersnippen ontdekte.

Slotwoord: In het volgende, korte blog besteed ik aandacht aan een aantal andere, meer algemene soorten die ik in ditzelfde gebied fotografeerde. Tot dan.